Voertuigbeheersing

Voertuigbeheersing (AVB)

Voordat je motorrijlessen op de weg gaat volgen moet je eerst een goede basis van het voertuigbeheersing hebben. De lessen kan je doordeweeks, ’s avonds of in het weekend volgen. Omdat we voor elke week examens hebben ingekocht is het halen van je motorrijbewijs bij Verkeersschool Snelweg nooit een lange aangelegenheid. In totaal leert u 12 verrichtingen, waarvan u er op het examen 7 zal moeten uitvoeren. Welke 7 dit zijn, ligt voor een deel vast en wordt voor een deel door de examinator bepaald. De bijzondere verrichtingen zijn verdeeld in vier clusters. Elke cluster heeft een verplichte oefening en in drie clusters kiest de examinator een extra oefening.

Cluster 1
  • Lopend achteruit parkeren in een vak
Cluster 2
  • Langzame slalom
  • Stapvoets rijden
  • Halve draai
  • Wegrijden uit een parkeer vak
  • Denkbeeldige acht
Cluster 3
  • Uitwijkoefening
  • Snelle slalom
  • Vertraging oefening
Cluster 4
  • Noodstop
  • Precisie stop
  • Stop proef

1

Cluster 1 – verplichte oefening
Achteruit parkeren

Bij deze verplichte oefening loop je aan de rechterzijde van de rijbaan met de motor aan de hand. Daarna parkeer je de motor achteruit in een denkbeeldig parkeervlak en zet je de motor op de standaard. Vervolgens haal je de motor weer van de standaard en loop je naar rechts het parkeervlak uit.

2

Cluster 2 – verplichte oefening
Langzame slalom

Bij deze verplichte oefening geldt er geen richtlijn voor de snelheid. Gezien de geringe tussenafstand ligt een stapvoets tempo voor de hand. Het gebruik van een slippende koppeling is bij deze oefening verplicht. Van belang is verder de combinatie van juiste bediening, langzaam rijden en het behouden van de balans.

3

Cluster 2 – keuze-oefening examinator
Wegrijden uit parkeervlak

Je maakt een haakse bocht en rijdt enkele meters rechtuit. De rijbaanbreedte is drie meter. Het belangrijkste van deze oefening is dat je gecontroleerd een scherpe bocht weet te maken, direct na het wegrijden.

4

Cluster 2 – keuze-oefening examinator
Denkbeeldige acht

Met deze facultatieve oefening laat je zien dat je een complete (denkbeeldige) acht kunt rijden in een rechthoekig kader. Je rijdt met trekkende motor en houdt daarbij een gelijkmatige snelheid aan. Je mag je voetrem gebruiken en eventueel een slippende koppeling.

5

Cluster 2 – keuze-oefening examinator
Stapvoets rechtdoor rijden

Hier is het de bedoeling dat je naast de lopende examinator blijft rijden over een afstand van twintig meter. Er wordt gelet op snelheid, balans en een juiste bediening van de motor. Je maakt gebruik van een slippende koppeling. Je voetrem mag je bij deze keuzeoefening ook gebruiken, maar je houdt je voeten tijdens het rijden op de voetsteunen.

6

Cluster 2 – keuze-oefening examinator
Halve draai (links- of rechtsom)

Als de examinator voor deze oefening kiest dan rijd je met licht trekkende motor op een denkbeeldige rijbaan. Na de tweede pylon maak je in één vloeiende beweging een halve draai naar links of rechts. Je rijdt dan terug naar het startpunt.

7

Cluster 3 – verplichte oefening
Uitwijkoefening

Bij de uitwijkoefening kom je met vijftig kilometer per uur aanrijden door de poort. Vijftien meter na de poort moet je voor een denkbeeldig muurtje van pylonen naar links uitwijken. Daarna keer je weer terug naar de eigen weghelft.

8

Cluster 3 – keuze-oefening examinator
Snelle slalom

Bij de snelle slalom zijn zes pylonen opgesteld. Deze slalom neem je bij een snelheid van minstens dertig kilometer per uur met trekkende motor. Belangrijk is dat het vloeiend en gelijkmatig gebeurt.

9

Cluster 3 – keuze-oefening examinator
Vertragingsoefening

Vanuit stilstand trek je op tot een snelheid van vijftig kilometer per uur. Je rijdt dan tenminste in de derde versnelling. Na het tweede poortje rem je af tot dertig kilometer per uur en schakel je minimaal een versnelling terug. Daarna rijd je met deze snelheid een slalom om drie pylonen die acht meter uit elkaar staan.

10

Cluster 4 – verplichte oefening
Noodstop

Bij deze verplichte oefening rijd je minimaal vijftig kilometer per uur. Na het poortje rem je maximaal om zo snel mogelijk tot stilstand te komen. Het gaat er hierbij om dat je tijdens deze oefening laat zien dat je de controle over de motor niet zal verliezen.

11

Cluster 4 – keuze-oefening examinator
Precisiestop

Bij de precisiestop gaat het erom dat je op een bepaald punt stilstaat. Je rijdt eerst vijftig kilometer per uur en remt beheerst als je het eerste poortje van twee pylonen passeert. Daarna moet je de motor zeventien meter verderop tot stilstand brengen.

12

Cluster 4 – keuzeoefening examinator
Stopproef

Naast de precisiestop kan de examinator ook nog kiezen voor de stopproef als tweede keuzeoefening. Het doel van deze oefening is dat je technisch goed remt. Je schakelt kort voordat je stilstaat terug naar de eerste versnelling. Je hebt een korte remweg.

VRAAG EEN PROEFLES AAN!

Ben je geïnteresseerd in het volgen van motorrijles? Meld je dan nu aan voor een gratis en geheel vrijblijvende proefles!

Een moment geduld aub.